Geheelonthouder

PietHein

PietHein

Sociale Akademie/Kultureel werker
Toneelacademie Maastricht
Schrijvervakschool 't Colofon
Toneelschrijven, columns
Werkte als acteur en danser in films en theater
Werkte als regisseur aan theaterproducties
Is oprichter Buurtatelier Zwaerdecroonstraat
Werkt voor Cretopia-Rotterdam
Werkt voor Wow-Rotterdam
Werkt voor M.I.E.P West-Kruiskade (marketing, imago, events, pr)
Werkt voor Rotterdam Street Art Museum
PietHein
Geheelonthouder

Onthou. Onthouder. Geheelonthouder

Sinds ik geheelonthouder ben, ben ik mij veel meer bewust van wat ik vergeet.

Nu vragen wij ons af:

Wat ben jij vergeten wat je liever had onthouden?

Bloemhofkinderen/ schoollunches

Kok Ralph en souschef Jamilla
Kok Ralph en souschef Jamilla

Er gaan steeds meer stemmen op voor gezonde, warme lunches op basisscholen in heel Rotterdam. Ook Zorgvrijstaat ziet in warme schoollunches met name een kans voor kinderen uit gezinnen die grote moeite hebben om een dagelijkse voedzame maaltijd op tafel te zetten. Wij hebben met OBS Babylon in het Oude Westen afspraken gemaakt om dit schooljaar, gedurende een maand, warme schoollunches te serveren. Khalida is als actieve moeder, -ik schreef over haar in een eerder bericht- direct bij de school betrokken. Zij wees ons op steeds terugkerende situaties waarin kinderen zonder ontbijt op school komen, of geen lunch meebrengen.

Om dit pilot zo goed mogelijk te realiseren, en ook als vertrekpunt voor anderen, ben ik op zoek naar zoveel mogelijk antwoorden op mijn vragen: wat is er allemaal nodig binnen dit project? Waarop zou het kunnen stranden? Hoe valt dit te financieren? Wat zijn de effecten? Voor een voorbeeld van goed functionerende en ingebedde warme schoollunches, mocht ik op werkbezoek bij Vakmanstadschool Bloemhof in Rotterdam-Feijenoord, waar kok Ralph van Meijgaard met souschef Jamilla al 9 jaar lang, in een team van hulpmoeders, stagiaires en “fruitmoeders” bakken, hakken, snijden en koken voor grofweg 350 leerlingen per dag.

Na een zoektocht door de straten Feijenoord (Bloemhof heeft 2 locaties, waarvan 1 met keuken) vind ik Ralph bij locatie Putsebocht. Hij brengt me naar een lokaal op de begane grond waar enorme bedrijvigheid heerst. Dit voormalige handenarbeidlokaal is verbouwd tot een professionele keuken met moderne apparatuur. Moeders in schorten lopen af en aan, er wordt in grote pannen geroerd, het is er warm en het ruikt er heerlijk.

Ik kijk er mijn ogen uit; “zou er in het Oude Westen ook een keuken zijn die dit kan faciliteren”?

Het is 12.00u. Tijd voor de eerste shift, en dat betekent dat naast tafeldekken ook de bakfiets volgeladen wordt voor locatie Oleanderstraat. Het eten gaat in warmhouders naar enkele straten verderop. Dat ziet er best laagdrempelig uit. Geen gedoe met busjes. Tussen shift 1 en shift 2 om 12.30 is het een heksenketel: opruimen, afwassen, tafeldekken, opscheppen en serveren. Dit alles wordt door de moeders gedaan.

Ralph neemt me mee naar de verwarmde kas, grenzend aan het hoofdgebouw en neemt uitgebreid de tijd om mij te vertellen hoe rauw voedsel uiteindelijk op de borden van de scholieren belandt.

Om te beginnen gaan koks Ralph en Nils beurtelings tweemaal per week naar de markt op het Afrikaanderplein om ‘in te slaan’. Zij keren terug op hun bakfiets waar groenten, vlees en fruit worden gekoeld of klaargelegd voor de komende week. Alle leerlingen krijgen alle dagen- behalve de woensdagen-, een warme maaltijd, met standaard een toetje van vers fruit. Op het menu staat om de dag een vegetarische maaltijdsoep met zelfgebakken brood en salade en de andere dagen rijst, pasta, aardappelen of couscous met groenten en vis, vlees of kip. En dat laatste een keer per week, omdat men ook hier aandacht schenkt aan meer groenten en minder vlees.

Even voor de duidelijkheid: Vakmanstadschool Bloemhof in het stadsdeel Feijenoord, is geen ‘normale’ school. Het is de eerste basisschool die in 2009 de plannen van filosoof en onderwijsvernieuwer Henk Oosterling rondom een geïntegreerde aanpak van leerlingen in een achterstandswijk oppakte, en in praktijk bracht. Naast rekenen en taal worden de kinderen ook onderwezen in judo, yoga en aikido, filosofie, techniek, koken en tuinieren. In deze extra lessen vergroten de kinderen hun sociale, fysieke en mentale skills en krachten. De schoolmaaltijden vallen onder de kooklijn, naast de judolijn, de ecolijn en de filosofielijn. Bloemhof heeft ook een moestuin, waar getuinierd wordt. De groenten en kruiden die verbouwd worden verdwijnen direct in de pan, al is de opbrengst niet genoeg voor alle maaltijden gedurende het schooljaar.

Tijdens ons gesprek komt Jamilla binnen met twee dampende borden. Jamilla is souschef en betaalde kracht. Zij is het die de hulpmoeders aanstuurt. De rol van de hulpmoeders is onontbeerlijk. Vandaar dat deze vrouwen per dagdeel een vrijwilligersvergoeding van €5,- ontvangen. Een plekje binnen dit team is gewild, (er zijn veel moeders die op deze manier willen bijdragen) en om die reden verandert de samenstelling van het team regelmatig

Op onze borden liggen geroosterde aardappelen, kipfilet, prinsessenboontjes met wortel en radijsjes en een kommetje met fruit. Het gaat erin als koek, maar ik ben erg benieuwd wat de kinderen ervan vinden, zijn zij nu als vanzelfsprekend grootverbruikers van groenten? In contrast met al die kinderen en volwassenen zoveel minder groente en fruit eten, volgens het voedingscentrum?

Een kleine rondgang door het eetlokaal, leert dat ook Bloemhofkinderen vaak de groenten onaangeroerd laten liggen, tot grote frustratie van Ralph. Maar de kinderen zijn wel rustig aan het eten. Op mijn vraag of zij niet slaperig worden van de lunch, antwoordt een jongen met een zwarte bril ontkennend. “Nee, juist niet. Ik kan me juist heel goed concentreren. En van dit eten word ik niet druk, want er zit geen suiker in”.

Aan het eind van mijn werkbezoek noemt Ralph de voordelen van warme schoollunches die hij ervaart. Behalve de voedingsstoffen en vitamines die de kinderen binnenkrijgen leren zij over de herkomst van voedsel, maar ook snijtechnieken, hygiënisch werken, goed gedrag en aankleding van de tafels. Door te proeven overwinnen zij hun angst voor het onbekende. Welke positieve resultaten de schoolmaaltijden hebben op gezond gewicht van de kinderen is moeilijk te meten. Sommige kinderen blijven, met name, buiten de schooltijden om, ongezond en veel eten.

http://Zorgvrijstaat https://www.facebook.com/zorgvrijstaat

Achterhoeker in de Zorgvrijstaat (door Yvette Prinsen)

Zorgvrijstaat
Zorgvrijstaat in actie

Achterhoek en de Zorgvrijstaat?  Sinds vorig jaar weet ik dat ik een Achterhoekse etniciteit heb. Jawel: ‘etniciteit’. Nooit gedacht dat ik daar ook over beschikte (zo kortzichtig was ik dus…). Maar het is eigenlijk heel logisch: ik ben er geboren en getogen, heb er mijn normen en waarden meegekregen en neem dus in alles wat ik doe altijd een beetje ‘Achterhoeks’ mee. Zo zijn Achterhoekers, zoals ik het zelf ervaar, van nature geen praters. Wél prietpraat, lekker oppervlakkig en zo, maar je gaat zeker niet ‘je vuile was buitenhangen’, het hebben over ‘allerlei zweverige zaken’ of ‘egoïstisch’ uitgebreid over jezelf zitten praten. Kortom: praten over jezelf is niet zo de bedoeling en het met elkaar bespreken van ‘ingewikkelde’ onderwerpen al helemaal niet, ‘want stel je voor dat de ander daarvan weet’ (…).

Achterhoekers zijn in de ogen van anderen ook erg ‘nuchter’ (‘doe maar gewoon dan doe je al gek genoeg!’) en ‘gezagsgetrouw’. Dat eerste herken ik direct bij mezelf. Dat tweede ligt wat genuanceerder: ja, ik zit tjokvol met normen en waarden waarvan ik niet wist dat ze zo sturend waren, en nee, ik hecht eigenlijk erg weinig aan écht gezag en autoriteit. Net zo min als aan ‘status’. Althans, dat is wat ik dacht. Tot ik in 2013 werkeloos raakte. Ik was na drie jaarcontracten net die ‘ene fte te veel’. Rationeel bekeken was er weinig schuld aan van mijn kant; zo ongeveer iedereen verloor toen z’n baan of werk als gevolg van de crisis. Toch voelde het lange tijd alsof ik echt iets ongelooflijks fout had gedaan. Ik durfde er niet voor uit te komen dat ik in de WW zat en draaide er alsmaar omheen. Dat werd versterkt op momenten dat andere mensen spraken over ‘die uitkeringtrekkers’; m’n maag draaide zich om. Gelukkig waren er ook mensen die daar tegenin gingen, waar ik me dan een beetje door gesteund voelde. De kern: Ik voelde me door die situatie een hele tijd me niet volwaardig. En waarom?

Ik had meer dan ik dacht last van ‘hoe anderen mij zagen’, dat mensen status en gezag ontlenen aan de positie van de ander. En ik had last van mijn eigen Achterhoekse (of misschien wel gewoon: Nederlandse?) opvattingen. Ik deed tot dan toe alles ‘keurig volgens het boekje’: ging als eerste generatie uit mijn familie studeren, kreeg vrij vlot na mijn diploma een baan, bleef daar best wel een tijd zitten, ondanks de nodige twijfels, leefde vrij zuinig en kon sparen (zo’n typisch Achterhoeks dingetje, volgens mij), en koos toen tegen alles wat ik geleerd had in, voor een jaarcontract elders. Voor ‘onzekerheid’ dus. En na die drie jaarcontracten schoot het door m’n hoofd: “Zie nou wel! Eigen schuld, dikke bult, was ik nou maar gewoon in die stabiele baan blijven zitten!”. En toch, op een hele andere manier dan ik me vroeger kon voorstellen, sta ik nu veel steviger in het leven dan ooit tevoren. Zekerheid haal je namelijk niet uit banen, dat is schijnzekerheid. Zekerheid kun je zelf om je heen organiseren. Niet iedereen, dat besef ik me heel goed, maar meer dan mensen misschien denken.

Ik ben de afgelopen vier jaar in de wijken in Rotterdam West gedoken. Heb mensen en netwerken leren kennen. Ben gaan meedoen. Heb ontdekt waar ik goed in ben en vooral ook waar ik niet zo goed in ben. En durf dat bespreekbaar te maken. Ook mijn twijfels, over de sociale druk die ik nog steeds dagelijks ervaar (en die soms echt heel fors is, niet alleen voor mij dus, maar zeker ook voor mensen die wat minder stabiliteit ervaren) en wat dat met mij en mensen in mijn omgeving doet. Ik heb achteraf gezien zo ongelooflijk veel geleerd in de afgelopen jaren, meer dan in al die jaren ervoor. Door met mensen in de wijken te werken, ze beter te leren kennen, elkaars verhalen te delen en er zo achter te komen dat je echt helemaal niet de enige bent die vastloopt op wat voor manier dan ook. Door daar vertrouwen en steun te vinden en te kunnen bieden.

En dat is waarom ik Zorgvrijstater ben, denk ik. Zorgvrijstaat biedt mij een ‘plek’ waar ik ondanks al m’n getwijfel en gepieker ‘gewoon’ mag zijn en aan de slag mag met wat ik denk dat nodig is in de wijken. Vanuit mijn eigen vragen of die van een ander. Ik hoop dat steeds meer mensen zich in de wijk veilig genoeg gaan voelen om te zijn wie ze zijn, hun eigen keuzes te durven maken en uit te spreken wat zij lastig vinden in het leven.

In een wijk met zoveel culturele achtergronden als in het Oude Westen, is het niet zo vreemd als je elkaar niet altijd even goed begrijpt. ‘Taal is zeg maar echt een ding’ dan, in de breedste zin van het woord: geschreven, gesproken, verborgen of zichtbaar in je gezichtsuitdrukking of lichaamstaal. Ik denk zelfs dat de meeste ‘taal’ misschien nooit hardop wordt uitgesproken, maar in je hoofd blijft hangen. Als we dat nou wel eens proberen te doen, kunnen we dan niet ongelooflijk veel van elkaar leren en elkaar helpen met onze kennis en netwerken?

Yvette Prinsen (sinds 2006 woonachtig in Rotterdam, begonnen in Middelland, verhuisd naar het Nieuwe Westen, en sinds een paar jaar nu bij vriendlief in Blijdorp, helaas geen West meer, maar wel slechts vijf minuten er vandaan – echt waar!)

ontwikkelaar Zorgvrijstaat https://www.facebook.com/zorgvrijstaat

kwartiermaker Huize Middelland

(vrijwillig) bestuurslid TAA Rotterdam

(vrijwillig) adviseur Betsy Perk Opleidingsfonds (voor Rotterdamse vrouwen)