Museum van de Wijk tot het einde

Robin Hendriks

Robin Hendriks

Founder at R / H
Robin Hendriks (1994) is in 2016 afgestudeerd aan de Willem de Kooning. Ze werkt als freelance schrijver, ontwerper, maker en is daarnaast elke zondag te vinden in het dierenasiel. Haar werk gaat bijna altijd over de mens en perceptie. Voor WOW schrijft ze over kunst en de mens.
Robin Hendriks

Latest posts by Robin Hendriks (see all)

De ruimte gevuld met kunst druppelt leeg. Een voor een komen de kunstenaars hun werk ophalen, een beetje gek omdat het toch een tweede huiskamer was waar iedereen werd verwelkomd. Je kon er schuilen voor de regen, een praatje maken of op je gemak ronddwalen op zoek naar werk wat aansprak. Om het alleen een Museum van de Wijk te noemen voelt niet genoeg, het was ook een ontmoetingsplek en een ruimte om te experimenteren.

Ik weet nog hoe ik spijkers in de muur sloeg die er net zo hard weer uitvielen. De ruimte was moeilijk bedwingbaar en overheersend. Met veel daadkracht kreeg het vorm. Muren werden gevuld, kunstwerken bleven hangen en elk hoekje werd omgetoverd tot creatief proces. Het museum bouwde zichzelf op  met behulp van de meest uiteenlopende persoonlijkheden. Divers kon je het wel noemen. Voor iedereen was het een andere ervaring, er werd werk verkocht en verhalen uitgewisseld. Een mooier doel van een museum kan je denk ik niet wensen.

Er waren dagen dat er niemand was, en dat was ook oke. Er stond jazz muziek op en het was fijn. Als je goed oplette kon je de kleine veranderingen zien. De ruimte ademde, er werden kunstwerken verschoven en toegevoegd. Als je op een goed moment binnen kwam kon je zomaar een van de kunstenaars tegen het lijf lopen. Ieder had zo zijn eigen redenen om de werken te maken. Dwalend langs de werken kon je ze aanraken, het sprak je aan of niet. Er hingen geen lange verhalen over de bedoeling van de kunstenaar, die mocht je er zelf bij verzinnen. Je kon jezelf openstellen en je eigen invulling geven aan wat je zag. Deze openheid vond je in alles terug. Maar vooral in de geesten van de kunstenaars. Het maakte ook niet uit hoe vaak je terug kwam, elke keer ontdekte je wel wat nieuws. Waar de blaadjes van de bomen vielen bleven de werken hangen, per dag beïnvloed door je eigen gedachten. En dat maakte het zo mooi, dit museum was vrij. Vrij voor iedereen die langsliep en vrij voor de kunstenaars. Moge meer plekken op de wereld zo zijn en worden.

Interview Esther Schoonhoven

Robin Hendriks

Robin Hendriks

Founder at R / H
Robin Hendriks (1994) is in 2016 afgestudeerd aan de Willem de Kooning. Ze werkt als freelance schrijver, ontwerper, maker en is daarnaast elke zondag te vinden in het dierenasiel. Haar werk gaat bijna altijd over de mens en perceptie. Voor WOW schrijft ze over kunst en de mens.
Robin Hendriks

Latest posts by Robin Hendriks (see all)

Als ik aankom zit Esther al op mij te wachten, keurig op tijd. We nemen plaats aan een grote tafel, voor mij zit een vrouw die duidelijk weet wat ze wil. Na haar middelbare school is ze gaan studeren aan de HTS bouwkunde om daarna door te stromen naar de Academie van Bouwkunst. Na haar opleiding is ze aan de slag gegaan als architect maar rond 2008 begon het te kriebelen. In de avond uren begon ze aan de opleiding tekenen en grafiek aan de Willem de Kooning. Voor haar een perfecte balans tussen architectuur projecten en zelf vrij werk maken. Sindsdien is haar tijd verdeeld in geld verdienen en kunstenaar zijn. Een combinatie waar ik graag meer over wil weten.

R: Wat heeft je doen besluiten om toch nog een opleiding aan de academie te doen?
E: Waarom ik onder andere de academie ben gaan doen is omdat projecten waar ik vaak in werk binnen de architectuur veelal 2 tot 3 jaar duren. Dus je leercurve duurt twee jaar en het programma van eisen wordt opgelegd van buiten af door de opdrachtgever. Dan heb je nog met uitvoerende partijen te maken en je werkgever op het bureau waarvoor je werkt. Er is dus heel veel input van buitenaf waar je creatief mee moet om gaan. Dat maakt het werk ook heel leuk en uitdagend maar ik merkte wel dat ik van experimenteren en onderzoeken hou. Dat is iets wat je in de bouwwereld niet altijd kan doen. Muren moeten vaak recht zijn en mensen die willen experimenteren kom je niet zo gauw tegen in die wereld.

Het beïnvloed elkaar nu ook wel. Ik heb een goeie opleiding gehad op de Willem de Kooning. Is wel altijd een beetje afhankelijk van de docenten die je krijgt. We hadden een grafische werkplaats tot onze beschikking waar continue twee docenten rondliepen. Die stimuleerden ook echt het experiment. Grafiek kan heel oudbollig zijn maar de docenten lieten je vrij. Als je de principes kende dan mocht je best wel eens de pers onderste boven draaien. Als je maar wist wat je deed en als iemand anders daarna ook nog gewoon kon werken.

R: Hoe ziet jou dagelijkse dag er een beetje uit als je je werk combineert met je vrije werk?
E: Ik ben sinds kort zelfstandig en daarmee wordt mijn ritme ook heel erg bepaald. Al hoop ik wel dat daar straks wat meer regelmaat in komt. Over het algemeen ben ik overdag met mijn opdrachten bezig en in het weekend en ‘s avonds ben ik met eigen dingen maken bezig. Dat is wat onregelmatiger.

R: Het werk wat je nu hebt hangen wil je daar ook een specifiek verhaal mee vertellen?
E: Er zit wel een verhaal achter het werk wat ik maak maar het is niet zo dat ik dat verhaal ook aan de kijker wil overdragen. Wat ik fijn vind aan kunst is dat ik er zelf een relatie mee kan aangaan. Als ik werk zie en denk ‘wauw!’ Dat moment, een klik met een beeld, dat is volgens mij heel belangrijk voor kunst. Dan ga je er een eigen relatie mee aan en als ik daar als maker doorheen ga met mijn eigen bedoelingen dan verbreek je de eerste verbinding die iemand met zo’n werk aan gaat. Voor mij hoeft dat niet, vertellen wat ik bijvoorbeeld vervelend vind aan de maatschappij en dat aan anderen laten zien doormiddel van mijn werk. Mijn werk maak ik wel altijd vanuit een persoonlijke ervaring of beleving maar dat hoeft degene die het werk mooi of lelijk vindt niet overgedragen te krijgen. Doormiddel van mijn werken kan ik bepaalde indrukken of ervaringen een plek geven en zo meer ruimte in mijn hoofd creëren en nieuwe indrukken kan verwerken.

Een ander werk wat hier hangt heb ik gemaakt met thinner druk. Dus ik heb veel kranten verzameld en daarmee eigenlijk ook al het leed wat zich afspeelt in de wereld. Als je dat op deze manier herdrukt komt het in spiegelbeeld. Maar daarmee leg je ook de vluchtigheid van de krant vast. Kranten gooi je weg en de kranten koppen zullen binnen mijn werk langer blijven bestaan. Maar het is wel minder makkelijk te lezen en te herkennen. Het beeld wat ik er nog over heen heb gedrukt is een verwerkte reactie op al dat leed.

Voor een ander werk heb ik mij een jaar lang gefocust op opruimen. Hoe het kan dat iedereen en alles heel graag wil dat we opruimen maar ze willen ook dat we heel veel dingen kopen. Hoe complex zit die relatie in elkaar. Waar laten we onze rotzooi dan, verdwijnt het ook echt? Dat heb ik eigenlijk in mijn tekeningen zichtbaar gemaakt. Het is niet zo zeer kritiek maar meer een vraag, waar staan we nu eigenlijk? Het is meer onderzoekend werk en juist niet belerend bedoeld.

R: Voor jou is het belangrijk om een kunstwerk echt tot je te laten spreken, wat is voor jou dan de ideale manier om naar kunst te kijken?
E: Ik denk dat je je moet laten verassen en ook de wil moet hebben om je te laten verassen. Open staan voor wat je ziet en vragen blijven stellen. Je kan er blij van worden of juist denken ‘ja zo kan je ook tegen de wereld aan kijken’. Ik denk dat ik persoonlijk bij kunst ook minder vaak bevestigd wil worden in mijn denkbeelden. Ik wil veel liever zien dat de wereld niet vaststaand is en dat mijn overtuigingen echt niet de enige zijn. Ik vind veelzijdigheid heel belangrijk.

R: Jij hebt een redelijk specifieke werkmethode die je niet zomaar overal kan doen, waar druk jij op dit moment?
E: Ik werk in atelier Minnigh. Joost Minnigh is een Rotterdamse graficus, toen hij overleden is heeft zijn vrouw veel van zijn werken verkocht behalve de machines. Die zijn naar een stichting gegaan en met 4 of 5  mensen huren we samen zijn oude atelier. Wij gebruiken dus die machines waar hij mee heeft gewerkt, dat is wel heel mooi. We werken wel vaak langs elkaar heen, iedereen komt natuurlijk op andere tijdstippen maar we werken ook wel eens samen en we leren ook weer van elkaar. De eerste dinsdag avond van de maand proberen we wel met zijn allen bij elkaar te komen maar niemand is verplicht haha. Er zijn niet zo heel veel grafische werkplaats mogelijkheden hier in Rotterdam dus we proberen het wel kleinschalig te houden om het zo voor iedereen fijn werkbaar te houden.

Er is ook niet zo veel vraag meer naar, bijvoorbeeld op de WDKA is het hele onderwijs systeem verandert. Je moet eerst een concept bedenken en dan ga je opzoek naar technieken in de werkplaatsen. Teken lessen worden ook niet meer gegeven op de academie sinds 2 jaar en de officiële grafiek richting is ook gestopt. Maar tijdens mijn studie zag ik meer en meer mensen verzot raken op zeefdrukken omdat dat minder perfect is als een printer. De docent die ik daar gehad heb die probeert ook nog steeds wel mensen enthousiast te maken voor de oudere druk technieken. Ik denk alleen dat deze manier van werken nooit helemaal zal verdwijnen anders had het dat al gedaan. Het heeft toch waarde. Misschien veranderd het of wordt het minder maar de kern blijft wel denk ik.

R: Waarom heb jij zo duidelijk gekozen voor een haast ambachtelijke manier van werken die redelijk op de achtergrond is verdwenen?
E: We kunnen niet alles digitaal maken en juist het werken met je handen, daar heb ik behoefte aan. Het heeft naar mijn idee ook een andere leercurve, je bent daadwerkelijk met je handen bezig dus je oog hand coördinatie werkt anders dan de snelle commando’s en klikjes op je computer. Je faalt op een andere manier en dat is tof.  Je ontdekt andere dingen daardoor. Waarom ik dat zo leuk vond op de academie, dat klooien, dat je fout misschien helemaal niet zo fout was maar dat het juist het effect gaf waarnaar je opzoek was. Dan moet je wel ontdekken wat je fout deed om het te kunnen reproduceren. Dat is met de computer natuurlijk op een heel andere manier, daar is het streven naar perfectie een belangrijker iets. Ik streef nooit naar perfectie, ik snap niet wat perfectie is. Ik geloof ook wel dat mensen als ze naar een werk kijken dat ze dat ergens zien, voelen of ervaren. Dat je er anders naar kijkt dan een poster die perfect geprint is want dat kan je misschien wel snel de klik maken naar reclame achtige dingen. Als je ziet dat iets met de hand gemaakt is, dat werkt anders maar ik heb er natuurlijk geen onderzoek naar gedaan.

R: Wat is het grootste verschil wat je in jou eigen leven hebt gemerkt sinds je de opleiding hebt afgerond?
E: Ik denk dat je door fases heen gaat. In de architectenwereld ga je van project naar project en juist door het rommelen met materialen en het ontdekken wordt ik ontvankelijker. Mijn hoofd wordt rijker, ikzelf wordt ervaringen rijker, kundiger en daardoor heb je meer plezier en zie je meer mogelijkheden. De wereld blijft minder aan je kleven, het is bijna meditatie maar dan aardser.

R: Om het gesprek af te sluiten de laatste vraag, waar ben jij het meest dankbaar voor?
E: Ik ben het meest dankbaar voor het feit dat je je als mensen altijd kan blijven ontwikkelen. Ja dat is het, kort en helder haha.

En daarmee sluiten we het interview af. Ik heb zo’n vermoeden dat deze vrouw nog lang niet uit ontwikkeld is en dat we nog veel van haar gaan horen.

Interview Diana van Wijk

Robin Hendriks

Robin Hendriks

Founder at R / H
Robin Hendriks (1994) is in 2016 afgestudeerd aan de Willem de Kooning. Ze werkt als freelance schrijver, ontwerper, maker en is daarnaast elke zondag te vinden in het dierenasiel. Haar werk gaat bijna altijd over de mens en perceptie. Voor WOW schrijft ze over kunst en de mens.
Robin Hendriks

Latest posts by Robin Hendriks (see all)

Vanachter een kop thee kijkt ze me aan. Voor me zit Diana van Wijk, kunstenares maar bovenal moeder van twee en een lieve vrouw. Als ik haar vraag naar haar opleiding wordt al gauw duidelijk dat het niet altijd gaat zoals je wil dat het gaat. Ze heeft de vooropleiding conservatorium gedaan en was aangenomen toen ze toch de beslissing maakte om pedagogische hulpverlening te gaan studeren. Dit vanuit een verstandig gevoel met oog op de toekomst. Zonde. Ze heeft na haar opleiding wel met veel plezier gewerkt met kinderen en even leek het een prima toekomst. Na de geboorte van haar tweede kind ging het eigenlijk allemaal niet zo lekker meer. Het is voor haar moeilijk om te vertellen ondanks dat het een groot onderdeel van haar leven is dat er ook gewoon mag zijn. Ik laat haar vrij in wat ze wilt delen en wat niet. Voor mij zit toch een sterke vrouw die openhartig verder praat.

R: Kan je je nog het moment herinneren dat je voor het eerst echt bewust kunst bent gaan maken?

D: Er was een moment in mijn leven dat alles liep, dat ik alle ballen in de lucht hield. Kort daarna kreeg ik problemen met werk door de crisis en reorganisatie. Mede daardoor zat ik niet lekker in mijn vel en kwamen alle ballen die ik omhoog hield langzaam maar zeker op de grond te liggen. Vanuit huis was ze opzoek naar iets om weer op te pakken zonder te zingen. Met een jonge baby was zingen niet de meest handige optie. Een goeie vriendin nodigde haar uit om een dagje samen te gaan schilderen. Dit werkte zo bevrijdend dat het tot op de dag van vandaag eigenlijk niet meer is opgehouden.

Op een gegeven moment stond mijn huis vol met schilderijen. Ik maak kleurrijke acryl schilderijen die echt wel een paar dagen moeten drogen en mijn kinderen zaten toch wel vaak met hun vingers aan het schilderij om te kijken of het al droog was. Dus dat was niet zo ideaal. Gelukkig kreeg ik redelijk snel een eigen plek, en ik ben nog steeds super blij met mijn atelier.

R: Is er een verhaal of boodschap dat je met je werk wilt vertellen? 

D: In de tijd dat ik eigenlijk geen kleur meer had kreeg ik het via mijn schilderijen terug. Dat was iets wat weer zin gaf en weer een reden om op te staan. Ook ging ik met mijn kinderen schilderen en ik vond zo weer een kanaal om met hun te communiceren. Langzamerhand heeft het me heel veel gegeven. En dat probeer ik terug te geven door mijn schilderijen. Hoop, er is altijd licht en kleur. Als je het in jezelf niet hebt kun je het ook nog buiten jezelf vinden op een goeie manier. Het is mijn vrijheid. Vrij van perfectionisme. In het dagelijks leven ben ik vrij perfectionistisch maar tijdens het schilderen is alles welkom. Elke spetter, het hoort erbij. Het is vrij werken en los van zorgen. Het gebeurd gewoon.

R: Kun je mij vertellen hoe jou dagelijkse dag eruit ziet?

D: Werken zit er momenteel niet in maar ik ben op verschillende kanalen wel bezig met dingen die ik leuk vind. Zo heb ik bijvoorbeeld samen met een vriendin Aagje opgericht, creatieve projecten die zorgen dat je in je eigen buurt meer activiteiten krijgt en zo meer saamhorigheid creëert. Dat heb ik zelf namelijk enorm gemist. Dat is naar mijn idee de basis, je medemens zién en een beetje letten op elkaar. Daarin heb ik nu verschillende projecten in samenwerking met de gemeente. Dus dat loopt nu wel eigenlijk.

Daarnaast zit ik bij kunstenaarscollectief Karmijn. Ik probeer zoveel mogelijk zonder druk te doen. Daar gedij ik het beste want ik leg mezelf al zoveel druk op. De laatste tijd heb ik ontzettend veel over mezelf geleerd en wat ik heel prettig vind is dat ik doormiddel van schilderen een nare periode ook heel positief kan afsluiten. Daarom vond ik het ook zo leuk dat deze expositie op mijn pad kwam. Iets nieuws, kijken wat er gebeurd en nieuwe mensen te ontmoeten. Zonder oordeel, gewoon kijken. Ik vind het een heel goed initiatief. En ik was al heel lang niet op de west-kruiskade geweest haha.

R: Waar ben je nu vooral mee bezig? 

D: Als je mentaal niet goed in elkaar zit is het best wel moeilijk, er is vaak een hoop schaamte en je kan moeilijk uitleggen wat er nu precies in je hoofd omgaat. En daar ben ik heel erg mee bezig. Met het laten zien van wat er in mijn hoofd  gebeurd. Dat is moeilijk om vorm te geven omdat je niet precies weet hoe. Ik ben heel erg aan het zoeken qua materiaal. Hoe ziet bijvoorbeeld paniek eruit, hoe ziet angst eruit. Dat je die gevoelens in een beeld kan vangen en dat iemand ook echt dat gevoel ziet. Het gaat eigenlijk om een belevenis en emoties. Hoe zwart kan je het hebben, normaal was ik alleen maar met kleur bezig maar nu toch ook met zwart. Echt zwart. Maar wel met een mengeling van kleur of een lichtpunt vinden. Een vorm van hoop erin. Mijn schilderijen hebben dus wel een diepere laag dan wat je op het eerste oog ziet. Ik ben vanuit het kleurrijke naar wat meer zwart gegaan. Ik durf het nu ook toe te laten, het is een balans vinden tussen gehele vrolijkheid en de wat meer duistere kanten. Die mogen er ook zijn.

R: Als je nu je eigen ideale toekomst kan samenstellen, hoe zou die er dan uit zien?

D: Ik zou heel erg graag galerie willen met kunst echt van de kunstenaarsbron. Een plek als een groot atelier waar je zelf kan werken maar waar ook ruimte is voor iedereen om samen te creëren. En waar het toch wel commercieel kan worden aangepakt. Want dat mis ik ook een beetje, de commerciële kant, anderen blij maken en het betaalbaar houden. Maar niet meteen zo’n standaard galerie. Als ik echt vanuit mezelf kijk zou ik graag een mooie plek creëren waar je inspiratie op kan doen, waar het altijd lekker weer is. En dan hoef ik niet per se te kunnen leven van mijn schilderijen maar ik wil wel graag creatief bezig zijn. In een galerie, muziek of iets anders.. ook verder gaan met kunst dan alleen het schilderen. Ik ga binnenkort ook op les omdat ik geen achtergrond heb in schilderen. Ik heb wel kunstgeschiedenis en muziekgeschiedenis gehad, maar voornamelijk de moderne kunst trekt mij aan. Van daar uit ga ik wel weer verder kijken.

R: Hoe is het voor jou werken als je geen achtergrond in kunst hebt, maar dat duidelijk wel zoekt gezien je recente opleiding?

D: Het is wel heel fijn dat ik geen materiaal hoef te kiezen. Ik zit niet vast aan de dingen die je binnen een opleiding leert. Ik kan met alles werken wat ik wil want er zijn geen beperkingen. Er is geen perfectie, je weet het niet. Dat is wel een verschil met hoe ik vroeger in elkaar zat. Dan moest ik eerst alles weten en dan pas kon ik het aanpakken. En nu heb ik zoiets als ik een materiaal pak  ga ik gewoon kijken wat er gebeurd. Echt op basis van die nieuwsgierigheid. Het zelf ondervinden vind ik het mooie, als ik iets heb gemaakt en het valt na een maand uit elkaar.. Ja dat kan ook gebeuren. Maar dan wéét ik dat.

R: Is er een project of werk wat voor jou een grote waarde heeft ?

D: Het is niet mijn eerste werk maar een schilderij dat ik op een van mijn donkerste dagen heb gemaakt. Mijn man moest me die dag ook echt naar mijn atelier sturen. Uiteindelijk heb ik twee schilderijen gemaakt waarvan 1 mijn lievelingsschilderij is. Die is ook niet te koop. Hij heet ‘Big Magic’, grote magie wat er die dag toch is gebeurd.

Toen ik haar de laatste vraag stelde kwam het antwoord al vrij snel zonder erover na te denken. ‘Waar ben jij het meest dankbaar voor?’ Een antwoord wat niks kan overtreffen; haar man en kinderen. Ze hebben haar gesteund en zijn positief gebleven. Ze hoopt ooit een vorm te kunnen geven aan haar dankbaarheid. Dankbaar dat ze haar hart heeft kunnen volgen.

Voor meer informatie over Karmijn, kijk op: www.karmijnkunst.nl